Grannus

Grannus – of Apollo Grannus, zoals hij werd genoemd – was een Gallische genezingsgodheid. Zijn helende krachten kwamen waarschijnlijk via het water, want de meeste van zijn heiligdommen zijn aan het water gelegen. Hij werd in een groot gebied vereerd; de Lage Landen liggen in het noorden ervan. Wellicht strekte zijn domein zich ook uit tot orakels en de zon, maar dat is niet zeker.

Wat we weten

Inscripties

Apollo Grannus was een Gallische godheid wiens naam is teruggevonden op inscripties uit verschillende plaatsen, waaronder Italië, Hongarije en Frankrijk. Zijn cultus lijkt vooral gecentreerd te zijn geweest in Zuid-Duitsland, maar ook in het Nederrijngebied werd hij vereerd. In de Lage Landen is één inscriptie gevonden die hem noemt, op een bronzen standbeeldsokkel. De inscriptie (CIL XIII 8712) werd gevonden in Nijmegen (Gelderland) en luidt: “APOLLINI GRANNO CL(AUDIA) PARTERNA EX IMPERIO,” in het Nederlands: “Aan Apollo Grannus, [van] Claudia Paterna, in zijn opdracht.”[1]

Op verschillende inscripties wordt Grannus genoemd naast de eveneens Gallische godin Sirona. Sommige inscripties noemen alleen “Apollo en Sirona,” en het is waarschijnlijk dat hier ook Apollo Grannus bedoeld werd. Hij heeft twee bekende bijnamen: Amarcolitanus en Mogounus.[2] Op één inscriptie wordt hij Mars Grannus in plaats van Apollo Grannus genoemd.[3]

Heiligdommen & festival

Op verschillende plaatsen was de verering van Grannus geconcentreerd in Gallo-Romeinse tempels. De belangrijkste van deze heiligdommen lagen in het Duitse Faimingen (Bayern) – door de Romeinen Phoebiana genoemd, naar Phoebus, Apollo’s bijnaam als zonnegod – en het Franse Grand (Vosges), een naam afkomstig van Ad Grannus.

Een ander cultuscentrum lag vermoedelijk in het Duitse Aken (vlak over de grens in Nordrhein-Westfalen), al zijn hiervan geen resten gevonden. In de Romeinse tijd werd deze plaats waarschijnlijk Aquae Granni genoemd, ‘wateren van Grannus.’ De meeste cultuscentra voor Grannus waren gelegen aan het water. Een paar, waaronder die in Aken, zelfs bij thermische bronnen.[4]

Een inscriptie uit Frankrijk licht een klein tipje op van de sluier over de cultus van Grannus. De inscriptie, gevonden in Limoges (Haute-Vienne), maakt melding van een festival voor Grannus, dat tien nachten duurde. De dedicant, een hooggeplaatste Galliër, schonk van zijn eigen geld een aquaduct voor het festival.[5] Verdere informatie over de festiviteiten, de tijd van het jaar of het doel van het festival wordt niet gegeven, maar het betekent dat Grannus een god van enig belang moet zijn geweest – wat ook blijk uit de grote hoeveelheid sporen die er van zijn verering zijn gevonden.

Romeinse auteurs

Grannus werd niet alleen genoemd in inscripties, ook in de Romeinse geschiedenis is zijn naam opgetekend. De Romeinse historicus Cassius Dio verhaalt hoe, in het jaar 212, keizer Caracalla de hulp zocht van onder andere Apollo Grannus, Aesculapius en Serapis, voor zijn fysieke en psychische kwalen. Tevergeefs, overigens: geen van de goden schonk de keizer verlichting, tot vermaak van Dio; de keizer was wreed en impopulair.[6]

Een andere melding van de verering van Apollo in Gallië wordt gemaakt in Julius Caesars Commentarii de Bello Gallico. Caesar noemt Apollo als een van de vijf goden die door de Galliërs vereerd worden, en vermeldt dat de Galliërs “net als andere volkeren” geloven dat Apollo ziekten verdrijft.[7]

Een derde verwijzing vinden we in een lofrede op keizer Constantijn de Grote, waarin wordt verteld hoe de keizer, op reis in Gallië, “de mooiste tempel” ter wereld bezoekt en daar een droom krijgt waarin de god Apollo aan hem verschijnt en hem de overwinning belooft. Reeds in het begin van de twintigste eeuw werd de theorie naar voren gebracht dat het hier gaat om de tempel van Apollo in Grand, en dat het de tempel van Apollo Grannus was. Deze theorie wordt tegenwoordig algemeen als feit aangenomen.[8] Dat betekent wellicht dat Constantijn zijn visioen kreeg van Grannus.

Theorieën

Functie

Uit de vermelding van Cassius Dio (en wellicht ook die van Caesar), moge blijken dat Grannus een functie had als god van de genezing. Ook zijn partner, de godin Sirona, was een godin van de genezing.[9] Het feit dat de tempels van Grannus zich allemaal dichtbij water bevonden, duidt er wellicht op dat zijn helende kracht via het water kwam. In ieder geval moet water een belangrijke rol hebben gespeeld in zijn cultus; in zijn festival van tien nachten lijkt een aquaduct een integraal onderdeel te zijn geweest, blijkt uit de inscriptie die het festival noemt.

Ook de Romeinse Apollo, met wie Grannus gelijkgesteld werd, was een god van de genezing. Apollo had echter een breed spectrum aan functies, waaronder die van god van orakels en die van zonnegod. Het feit dat er in de inscripties slechts een paar vage verwijzingen zijn naar genezing, duidt er dan wellicht up dat Grannus niet slechts een god van de genezing was.

De vraag of hij ook een orakelgodheid was, is moeilijk te beantwoorden. Als keizer Constantijn zijn ‘visioen van Apollo’ kreeg in de tempel voor Grannus, is het mogelijk dat Grannus inderdaad geassocieerd werd met voorspellingen. Het is echter niet bekend of deze associatie onderdeel was van de oorspronkelijke Keltische religie, of dat het een projectie van de Romeinen was. Uit de inscripties blijkt in ieder geval geen connectie met orakels of voorspellingen. De mogelijkheid van Grannus als orakelgod blijft dus onzeker.

De derde functie van Apollo, die van zonnegod, is ook lastig te bepalen wat Grannus betreft. Op een inscriptie wordt hij genoemd als Apollo Grannus Phoeb-.[10] Wellicht moest het laatste woord Phoebus zijn, een bijnaam van Apollo als zonnegod, maar het kan ook een afkorting zijn van Phoebianensis, ‘van Phoebianus,’ het huidige Faimingen, waar een tempel van Grannus stond.[11] Het is mogelijk relevant dat Grannus door keizer Caracalla niet alleen werd aangeroepen naast de genezingsgod Asclepius, maar ook naast Serapis, een Grieks-Egyptische zonnegod.[12] Uit het heiligdom in Grand komt tevens een inscriptie voor Apollo Grannus en Sol Invictus, ook een zonnegod.[13] Associatie is echter geen identificatie, en voor concretere aanwijzingen moeten we kijken naar de verklaring van Grannus’ naam.

Naam

De naam Grannus, van Gallisch Grannos, is moeilijk te herleiden. Eén verklaring verbindt de naam met de Proto-Indo-Europese wortel *gher-, ‘uitstekend,’ wat in het Gallisch uiteindelijk de betekenis ‘bebaarde god’ zou opleveren. De Gallische Apollo wordt echter nergens met een baard afgebeeld, dus deze verklaring wordt vaak als onwaarschijnlijk beschouwd. Een andere etymologie maakt de connectie met de Proto-Indo-Europese stam *ĝher(h1)-, ‘schijnen,’ maar het is zeer de vraag of er een Keltische vorm hiervan bestond. Een derde etymologie leidt de naamterug op Proto-Indo-Europees *gwher-, ‘warm.’ Dat zou Grannus kunnen verbinden met thermische bronnen, of met de zon.

Het eerste is goed mogelijk, gezien het feit dat een aantal van de heiligdommen van Grannus zich bij thermische bronnen bevonden. Dat geldt niet voor alle tempels, maar het is kan zijn dat de god aanvankelijk alleen met hete bronnen geassocieerd werd, en later, toen de oorspronkelijke betekenis van de naam vergeten was, met alle soorten water.

Jürgen Zeidler echter is van mening dat de naam van Grannus naar de zon verwijst. Hij haalt de bijnaam Phoebus aan en stelt dat er meer Keltische genezingsgodheden waren die met de zon werden geassocieerd, waaronder Grannus’ partner Sirona, wier naam volgens hem waarschijnlijk ‘ster’ betekende.[14] Die argumenten zijn echter lang niet zeker, en Zeidlers conclusie dat de Kelten het licht en de warmte van de zon associeerden met genezing, is nogal sterk gezien de magerheid van het bewijs.[15] Over Grannus’ status als zonnegod moet een zekere conclusie dus nog uitblijven.

Bijnamen

Twee bijnamen voor Grannus zijn genoemd op inscripties. De naam Mogounus is waarschijnlijk verwant met de naam van de Britse godheid Moguns.[16] De naam Amarcolitanus wordt algemeen geïnterpreteerd als ‘met de wijde blik.’ Zeidler ziet hierin een aanwijzing voor Grannus als zonnegod, maar het kan ook een bijnaam zijn van een orakelgod of een verwijzing naar de genezing van oogziekten.[17]

Relaties met andere goden

Op een aantal inscripties wordt Apollo Grannus naast de godin Sirona genoemd; zo vaak zelfs dat bij inscripties waar alleen “Apollo en Sirona” geschreven staat, er vaak wordt aangenomen dat hier Apollo Grannus bedoeld werd. Het is aannemelijk dat Grannus en Sirona een echtpaar waren, al weten we het nooit zeker.


[1] CIL XIII 8712
[2] CIL XIII 2600, CIL XIII 5315
[3] AE 2013, 01058
[4] Jürgen Zeidler, “On the etymology of Grannus,Zeitschrift Für Celtische Philologie, 53, nr. 1 (2003): 77-92. sci-hub.se/10.1515/ZCPH.2003.77
[5] AE 1991, 01222
[6] Cassius Dio, Ῥωμαϊκὴ Ἱστορία 78.15, archive.org/details/DioCassiusRomanHistory9books7180WithIndices/Dio%20Cassius%20Roman%20History%209%20%28books%2071-80%20with%20indices/page/314/mode/2up
[7] Julius Caesar, Commentarii de Bello Gallico VI.17, archive.org/details/MemoiresVanDeGallischeOorlog/page/n151/mode/2up
[8] Camille Jullian, Histoire de la Gaule VII (Parijs: Hachette, 1926), 107. archive.org/details/histoiredelagaul07julluoft/page/106/mode/2up
[9] “Ðironae,” Deo Mercurio, bezocht op 17 juli 2022, http://www.deomercurio.be/en/sironae.html
[10] CIL XIII 3635
[11] Andreas Hofeneder, “Apollon Grannos – Überlegungen zu Cassius Dio 77, 15,5–7,” in Théonymie celtique, cultes, interpretatio – Keltische Theonymie, Kulte, Interpretatio, ed. Andreas HOfeneder en Patrizia de Bernardo Stempel (Wenen, Austrian Academy of Sciences Press, 2013), 106-107. https://www.jstor.org/stable/j.ctv8mdn28.10
[12] “Serapis,” Encyclopaedia Britannica, bezocht op 28 augustus 2022, https://www.britannica.com/topic/Serapis
[13] CIL XIII 5940
[14] Zeidler, “On the etymology of Grannus.
[15] Hofeneder, “Apollon Grannos,” 107-108.
[16] “Apollini Granno,” Deo Mercurio, bezocht op 28 augustus 2022, http://www.deomercurio.be/en/apollini.html
[17] Hofeneder, “Apollon Grannos,” 107.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: